Een lang verslag, het is toch weekend

Hallo beste lezers,

Ik ben een beetje een twijfelkont. Wat deel ik allemaal met jullie en wat niet?! Wanneer is een stuk tekst echt veels te lang? In de tekstverwerker is dit al meer dan twee pagina’s. Dat zal wel te lang zijn. Ik plaats het toch. Eens even kijken of jullie het tot het einde halen. Bedankt trouwens voor het lezen van mijn eerste publicatie.

Zaterdag, uitbrakdag (daar waar het vorige stukje eindigde ga ik nu verder)

We zetten ons tentje op, op een mooi beschut open plekje, tussen de bomen. Geen andere tent te zien vanaf hier. We rollen onze slaapzak uit en doen een tukkie op het zachte gras. Om zeven uur worden we wakker, eten de curry op die we van huis hebben meegenomen en gaan daarna in onze tent liggen om verder te slapen. Folkert valt direct in slaap, ik lig de hele nacht te woelen. Tintelende benen, kou en geritsel om de tent houden me wakker. Rond half zeven schiet Folkert overeind, met een schreeuw van paniek die ongeveer zo klinkt: ‘whlloaahhllllll!!!!1!!!1!!!11!!!!’. Er zit een muis in zijn shirt. Hij rukt zijn shirt open gooit ‘m de tent door. De muis schiet een hoek van de tent in en kijkt ons angstig aan. Folkert pakt zijn schoen en slaat de muis aan gort. Zo doen we dat.

Nee, grapje. Terwijl ik ook rechtop in m’n slaapzak zit en passief toekijk wat er allemaal aan het gebeuren is, ritst Folkert de tent open zodat de muis naar buiten kan. Ik kruip dieper in m’n slaapzak, probeer deze af te sluiten rondom mijn nek zodat de muis niet bij mij naar binnen kan. Folkert pakt zijn schoen en probeert de muis de juiste kant op te dirigeren maar hij schiet eerst nog een andere hoek in. Bij de tweede poging snapt de muis waar de uitgang is. Met een schattig hupsje springt hij via mijn rugzak de tent uit. Daag, muis! Na dit reusachtig spannende intermezzo val ik als een blok in slaap. Tot we om half elf de tent uit branden. Dan zien we de muizenkeutels, de aangevreten banaan, het roggebrood en het gat in de tent.

Zondag rustdag

Die dag houden we nog een dag rust. We helpen een uurtje mee op de camping, er wordt een nieuwe kampvuurkuil gemaakt. Daarna lopen we (best een eind) naar de supermarkt omdat onze voedselvoorraad is opgevreten. Die avond hangen we ons eten in de boom. Folkert ligt weer binnen de kortste keren onder zeil, ik luister nog een tijd naar de muizen die om de tent heen rennen. Over de tent zelfs. Ik zie hun silhouetjes op het tentdoek. Geregeld schud ik aan de tent maar het heeft allemaal niet zoveel zin. Ze schrikken, rennen weg en komen weer terug. Ze rennen over het tentdak heen en weer en glijden het laatste stukje, waar het steil wordt, naar beneden. Trrn trrn zoeff, zo klinkt dat. Folkert weet van niets. We hebben geen eten in de tent dus ik moet maar geloven dat ik niet wakker word met een muis in m’n shirt. Mijn ogen vallen dicht en deze nacht slaap ik heerlijk.

En dan is het maandag

Niet dat weekdagen nog uitmaken. De muizen hebben onze tas in de boom gevonden, ze hebben zich bovenin de tas tegoed gedaan aan het brood, zijn doorgegaan naar de zak met noten en daarna naar de bodem van de tas om een gaatje te knabbelen.

Onze voeten zijn best wel genezen, een nieuwe blarenpleister erop en er is weinig aan de hand. Mijn tas is zwaar vandaag, mijn voeten doen al snel weer pijn en de twintig kilometer doen erg lang aan. We wandelen naar Zeist, de Bilt en eindbestemming Utrecht. We slapen op de Budgetcamping bij de Berenkuil. Daar kun je zeven minuten lang douchen voor vijftig cent!!!!! Folkert neemt het ervan en jaagt er één euro vijftig doorheen.

Dinsdag

Dinsdag bezoeken we het Nederlands Genootschap van Sint Jacob in Utrecht om een stempeltje te halen voor in ons Pelgrimspaspoort. Voor deze stempel lopen we een flink stuk om. Het had ons ongeveer dertig kilometer gescheeld als we Utrecht rechts hadden laten liggen. Het voelt raar om je eigen stad als pelgrim te doorlopen. We komen langs het Stadion en halen daar nog een extra paar vijfvingerige sokken voor in onze awesome schoenen.

Nu laten we Utrecht achter ons, we zijn in Bunnik en vinden de Krommerijn. We slingeren samen met de rivier het landschap door. Vissende meneertjes vragen hoelang we nog moeten. ‘Nog vijfentwintighonderd kilometer,’ antwoordt Folkert. ‘Oh doe ze maar de groetjes daar!’ ‘Komt voor elkaar,’ zegt Folkert, en hij maakt een innerlijke notitie om de groetjes van de twee vissende meneertjes niet te vergeten. (Ik weet niet hoelang die notities standhouden dus bij deze is dit nog een extra reminder.)

Het begint te regenen, lekker hard. We soppen door het zomerse Nederlandse landschap heen. We zijn bijna op onze bestemming dus we doen niet onze regenjas aan. Er stopt iemand om ons een lift aan te bieden. Vrolijk slaan we deze af. Waar maar raar.

Boerderij-camping de Strosteeg in Driebergen-Rijssenburg is ons eindpunt van vandaag en daar wacht ons een verrassing. Precies wat je nodig hebt als je moe en verregend bent. We kloppen aan. De deur gaat open en er wordt ons meteen een hand toegestoken. ‘Mewis,’ stelt hij zichzelf voor. We krijgen een uitgebreide rondleiding. De regen is even gestopt. Omdat er verder geen andere gasten zijn stelt Mewis voor dat we in de slecht-weer-ruimte gaan slapen. Dan hoeven we onze tent niet op te zetten. Hij vraagt of we al hebben gegeten. Nee, dat hebben we niet. Hij komt ons sla, tomaat en een ui brengen. En later nog een zak met walnoten, die ik gelukzalig oppeuzel. Voor mij zijn dit de lekkerste noten ooit. Folkert krijgt er ook een paar. Ook heeft Mewis een fantastische douche. En een droogrekje. En nog meer walnoten.

Bij Mewis in de schuur

Woensdag

Dit is ook een bijzondere dag. We slingeren verder langs de Krommerijn, helemaal naar Wijk bij Duurstede. Mijn voeten zijn moe, mijn enkels doen pijn en op mijn sleutelbeenderen beginnen zich blaren te vormen van de tas.

Folkert moet een beetje huilen

We kopen een kilo kersen in Cothen en eten de helft meteen op. In Wijk aangekomen weten we niet zo goed waar we heen moeten. Alleen maar dure slaapgelegenheden. Dit is het moment om een gratis slaapplek te zoeken: aanbellen en vragen of we in de voortuin mogen slapen. Maar voordat we moed hebben verzameld worden we al aangesproken door een meisje, ze vraagt ons of we iets zoeken. ‘Weet je een goedkope slaapplek?’ vraagt Folkert. Ze denkt lang en diep na, haar gezicht vertrekt er helemaal van. ‘Kom maar met mij mee,’ zegt ze uiteindelijk. Yes! Ze neemt ons mee naar het bijzondere huis van haar ouders, ze bouwt een kampvuurtje en we hebben een gezellige avond. Daarna wordt er een bed voor ons klaargemaakt. Een tweepersoonsbed. Met een deken en een matras en een kussen. Luxe hoor, zelfs al na een paar dagen.

Donderdag en vrijdag

We zijn vlakbij Geldermalsen op camping de Karekiet. Vandaag was best een suffe dag. Die heb je soms, daar doe je niets aan. Gelukkig was het een rustdag en heb ik overdag een heerlijk tukje gedaan om het goed te maken. Vannacht was het te koud om het comfortabel te hebben in onze zomerslaapzakken. Ik had ongeveer alles aan wat ik bij me heb: sokken, lange broek, hemd, t-shirt, jurk, tech-shirt en vest. Vannacht doe ik mijn jas nog aan. Of misschien ga ik wel gewoon in de slecht-weer-ruimte liggen.

Het vervelende van koude nachten is dat ik zo alleen in mijn slaapzak lig. Folkert ligt op nog geen dertig centimeter afstand, maar aan dat lijf heb ik dan helemaal niets. Ik schuifel dichterbij, zodat ik tegen zijn rug aan kan schurken. Maar de slaapzakken zijn zo glad, de matjes zijn glad, de tentvloer is koud. Mijn armen moeten binnen de slaapzak blijven anders wordt het nog kouder. En ben ik eenmaal gearriveerd bij Folkerts rug, merk ik helemaal niets van de warmte die hij afgeeft door alle lagen die tussen ons inzitten. Als we in Den Bosch aankomen ga ik een nieuwe slaapzak aanschaffen.

Vandaag hebben we pruimen geplukt, er staan hier genoeg pruimenbomen op de camping. Ook notenbomen en perenbomen maar die hebben nog tot het einde van de zomer nodig. Het is fantastisch goed vertoeven hier in de Betuwe als vegan. Overal langs de weg zijn kersen te koop, en komkommers en courgettes en frambozen en uitjes en knoflook. Wat heeft een mens nodig?

We hebben niets bij ons om te koken dus we eten al een week lang alleen maar rauw. En af en toe een frietje. Maar vooral salades met noten en zaden en fruit. En brood met pindakaas of notenpasta, en daarop banaan of komkommer of appel. Folkert en ik doen het er goed op.

Zaterdag, scheetjesdag

Dat zal wel door de pruimen komen. We zijn nu op een keurig nette camping. Echt keurig netjes. Geen andere woorden voor. Alles is schoon en netjes en keurig.

We vinden het leuk als je hieronder een reactie achterlaat (:

Houd me per mail op de hoogte
Facebook
Google+
http://watheefteenmensnodig.nl/2017/07/15/een-lang-verslag-het-is-toch-weekend/
Twitter

17 gedachten over “Een lang verslag, het is toch weekend”

  1. Uit pure interesse voor jullie en jullie tocht heb ik het hele verhaal gelezen. Maar ook omdat het goed en boeiend geschreven is, vol “aanwezigheid” en suspense…. Nog een corrigerende opmerking van de schoolmeester; “als vegan zijnde” kun je beter wijzigen in: “als vegan”, of “vegan zijnde”…….. Nog veel van deze ervaringen gewenst. Wat geniet ik er van! Groet ook Folkert!

  2. Hoi hoi ik heb van Thijs over jullie verslagjes gehoord en ga nu ook meelezen. Ik vond het laatste verslag helemaal prima kwa lengte hoor, no worries. Leuk om jullie te volgen en aaaaah wat een verhaal met die muis brrrrr. Gelukkig lees ik verder ook veel relaxedheid in wat jullie ervaren. Ik gaan tukken, succes! Xx Sanne

  3. Irene, wat schrijf jij geweldig leuk en goed!! Ik geniet met volle teugen van jouw verslagen. Wat julie doen is alle respect waard!! Blij jullie te hebben leren kennen:-) Vroeg me af waarom wij nooit last hebben van muizen bij kamperen. Antwoord: plastic boxen. Maar ja, daar hebben jullie nix aan…..Slaap lekker in elk geval!

  4. Superb. Kanjers! Ga zo door.
    Leuk geschreven Ietje!
    We genieten mee. Liefs xx

    Ps. misschien kan alufolie om je eten nog helpen tegen muizen? Of in de buurt leggen van knoflook en kruiden als munt/kruidnagel misschien? Succes!

  5. Wat een geniaal verhaal, vooral de tekst over de dode muis!!;)
    Haha en ik wil ook nog even zeggen dat de titel van de Website natuurlijk brijant is!!
    Jullie zijn toppers, ik ga jullie verder volgen en wie weet tot in ons ‘eigen’ landje;)

  6. Ach. Wat een wonderbaarlijke avonturen beleven jullie. Je schrijft goed. En zeker niet te lang. Ga zo door 😋 Ik hoor tijdens het lezen precies je stem. Xxxxx voor m’n schatjes

  7. Clots sr 20-7
    Ik lees met genoegen je avonturen in het grote mensen/dieren bos en
    denk aan al jullie angsten om die enge wezens zo midden in de nacht dapper hoor.(nu nog maar muizen)
    Goed van je dat je al gauw je rust neem d.m.v. tukjes en dutjes want het is nog een lange weg te gaan dus relax je komt er van zelf wel op je eind bestemming nog maar 95 dagen en 2250 km nou en!!

    1. Heeeeee, wat leuk dat je er bij bent!! Bedankt voor je reactie. We doen erg rustig aan, dat lijkt ons wel het verstandigst aangezien we niet getraind hebben vantevoren. We hebben nu 200 km gelopen! Nog 2300 te gaan. Xxxxxx

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *